

Op ongeveer 30 kilometer van Mostar ligt een van de mooiste dorpen van het land, Pocitelj, dat tegen een rotsachtige helling ligt boven de Neretvarivier.
De geschiedenis gaat terug tot de middeleeuwen en het is waarschijnlijk dat de versterkte stad ergens rond 1383 door de Bosnische koning Tvrtko I werd gebouwd.
Later werd Pocitelj onderdeel van het Ottomaanse Rijk en kwam het vooral tot ontwikkeling tussen de 16de en de 18de eeuw met een mengeling van middeleeuwse en Ottomaanse invloeden.
Pocitelj is uitgeroepen tot Nationaal Monument van Bosnië en Herzegovina en is door UNESCO erkend als plaats met een belangrijke culturele en historische waarde.
De citadel van Pocitelj werd gebouwd op de steile kalkstenen rots boven de rivier en zijn oorsprong gaat terug tot in 1383 toen de Bosnische koning Stjepan I Kotzomanic de vesting liet bouwen als verdedigingswerk tegen de invallen vanuit het zuiden.
In de 15de eeuw werd het verder versterkt door de Hongaren die Pocitelj gebruikten als grensvesting tegen de oprukkende Ottomanen.
In 1471 veroverden de Ottomanen de vesting en breidden deze uit door nieuwe muren, bastions en militaire gebouwen toe te voegen waarna in 1878 de vesting haar militaire functie verloor bij de komst van Oostenrijk-Hongarije.
Het fort, uitgebreid tussen de 14de en de 18de eeuw, bestaat uit dikke vestingmuren die de heuvel volgen, meerdere bastions, een cisterne en de hoofdtoren (Gavran Kapetan Toren) die het herkenningspunt is van het fort.
De Hadzi Alija Moskee is een van de belangrijkste monumenten van Pocitelj. Ze staat centraal in de stad vlakbij de hamam.



De moskee werd gebouwd in 1562-1563 tijdens de Ottomaanse periode met Hadz Alija, zoon van Musa, als opdrachtgever.
De moskee wordt ook 'Sisman Ibrahim Pasha Moskee' genoemd omdat hij degene was die de moskee in de 17de eeuw restaureerde.
De bijzondere onderdelen van de moskee zijn de grote centrale koepel, de achthoekige minaret, de stenen gevels die passen bij de traditionele architectuur van het oude Pocitelj, de houten toegangsdeur die rijk is versierd typerend volgens de Ottomaanse bouwtraditie en de decoratieve elementen in het interieur.
Het interieur van de moskee is een eenvoudige gebedsruimte met een rijk gedecoreerde mirhab, een preekstoel (minbar) en een verhoogd blaken (waar de muezzin zich kon bevinden). Verder zijn er ook ramen aanwezig met gekleurd glas en muquarnas (kleine, geometrische en vaak honingraatachtige vormen gebruikt als decoratie in de islamitsche architectuur).
In 1993 werd de moskee zwaar beschadigd tijdens de oorlog maar werd ze in de jaren nadien zorgvuldig gerestaureerd.
De hamam van Pocitelje was het openbare badhuis uit de Ottomaanse periode en bevindt zich lager in de stad.


De juiste bouwdatum is niet bekend maar de hamam bestand wel voor 1664 omdat het wordt vermeld in het reisverslag van de beroemde Ottomaanse reiziger Evliya Celebi in dat jaar.
De hamam bestond uit verschillende ruimtes: een kleedruimte, een koelere ruimte waarin met kon wennen aan de temperatuur, een warme ruimte waar men zich waste en kon ontspannen, een gedeelte met het warmste water en een technische ruimte waar het water werd verwarmd en werd verspreid onder de vloer.
De verschillende ruimtes zijn overdekt met gewelfde en koepelvormige constructies en de hamam is verbonden met de medresa die te herkennen is aan de kleine koepels boven elke lesruimte of kamer en die eveneens werd gebouwd in 1664.
Verder zijn de straatjes in Pocitelj een van de belangrijkste redenen dat het stadje zo bijzonder maakt. De meeste straatjes zijn gebouwd met ongelijke stenen en kasseien, zijn smal en lopen omhoog en omlaag volgens de vorm van de heuvel en zijn soms met trapjes met elkaar verbonden.
Aan weerszijden van de straatjes staan traditionele stenen huizen die tegen de helling zijn gebouwd met een binnenplaats, stenen muren, kleine ramen, een houten veranda of balkon en typische daken. Ze zijn een combinatie van mediterraanse en Ottomaanse invloeden.



(Op de fotopagina kunt u nog andere foto's bekijken van Bosnië en Herzegovina)