

Ark D-0 (Atomska Ratna Komanda die ook gekend staat als Tito's Bunker) is een nucleaire bunker en militair commandocentrum uit het Koude-Oorlog-tijdperk.
In 1953 gaf president Tito opdracht tot de bouw ervan. Het wrd gebouwd om Tito, zijn familieleden en maximaal 350 stafleden te beschermen in geval van een atoomconflict.
De Ark, gebouwd tussen 1953 en 1979, is de grootste nucleaire schuilkelder en een van de grootste ondergrondse faciliteiten die ooit in voormalig Joegoslavië zijn gebouwd.
Toen de werkzaamheden van 4,6 miljard dollar (in de toenmalige valuta) werden voltooid, werd de faciliteit overgedragen aan 16 militairen (9 Serviërs, 4 Bosniërs en 3 Kroaten) om de structuur te onderhouden mocht het ooit nodig zijn om te gebruiken.
De bouw ervan behoorde tot een van de strengst bewaarde militaire geheimen van Joegoslavië in die tijd en werd pas in de jaren 1990 aan het publiek onthuld.
Van buitenaf zijn er drie onopvallende huizen zichtbaar die de ingang vormen tot de bunker. Langs een gang in het eerste huis beschermen drie dikke metalen deuren van 1,2 meter een tunnel van 202 meter lang die leidt naar het centrum van de bunker die 280 meter onder de top van de berg ligt en is gebouwd om een nucleaire explosie van 20 kiloton te doorstaan.
In totaal is de ondergrondste structuur verdeeld in 12 onderling verbonden blokken met een oppervlakte van 6854 vierkante meter en meer dan 100 kamers die zes maanden lang 350 mensen kunnen beschermen en huisvesten.
Er zijn woongedeelten, vergaderzalen, kantoren, operationele centra, keukens, een operatiekamer, kamers met telefoonverbindingen, privévertrekken,...


Verder bevat de bunker vele klimaat- en watersystemen met elk een eigen backup-systeem. De temperatuur in de bunker ligt tussen de 21 en 23°C met een luchtvochtigheid tussen de 60 en 70% wat neerkomt op nagenoeg de perfecte leefomstandigheden.
Het complex wordt verlicht door ongeveer 6000 neonlampen.
Na Tito's dood in 1980 werd het complex buiten gebruik gesteld maar wel paraat gehouden ingeval van oorlog.
In maart 1992 tijdens het uiteenvallen van Joegoslavië gaf generaal Milutin Kukanjac opdracht tot de sloop van de bunker om te vermijden dat deze in handen zou komen van de regering van Bosnië en Herzegovina.
De bunker werd voorzien van explosieven maar twee militairen saboteerden de vernietigingspoging door vlak voor de explosie de draden door te knippen.
Daarna werd de bunker overgedragen aan de Bosnische regering die de bunker als bevoorradingsbasis gebruikte tijdens de Bosnische oorlog.
Tegenwoordig valt de bunker onder het gezag van het Bosnische Ministerie van Defensie, wordt het beheerd door het leger van het land en bewaakt door een detachement van vijf soldaten. Het is intact bewaard gebleven.
De bunker van Tito kan bezocht worden en is nu ook een ontmoetingsplaats voor kunstenaars. Project Biennial of Contemporary Art heeft als doel de locatie onder militair beheer ook te transformeren tot een prestigieuze regionale culturele instelling voorop lopend in artistieke trends.
De Raad van Europa heeft het project in 2011 uitgeroepen tot Cultureel Evenement van Europa en geniet steun van UNESCO.
De Biennale vond voor het eerst plaats in 2011 en de vijfde en laatste editie vond plaats in 2019.
Meer dan vijftig kunstwerken vormen er nu een permanente tentoonstelling.
(Op de fotopagina kunt u nog andere foto's bekijken van Bosnië en Herzegovina)