

De vikingen waren de eersten die op deze plek verdedigingswerken bouwden, gevolgd door de Anglo-Normandiërs.
In 1204 werd in opdracht van koning Jan van Engeland een burcht gebouwd met sterke muren en goede grachten om zo de stad te kunnen verdedigen maar ook om te kunnen gebruiken als koninklijke schatkamer en als de zetel van het Engelse rechtssysteem.
Van 1204 tot 1922 was het kasteel in Dublin het centrum van de Britse overheersing in Ierland. Op Castle Hall prijkt nog altijd vrouwe Justitia die voor de inwoners van Dublin een belichaming is van de Engelse heerschappij omdat ze geen blinddoek draagt (en dus ontbreekt haar onpartijdigheid) en ze met haar rug naar de stad gekeerd staat.
Door de middeleeuwen heen evolueerden en veranderden de gebouwen continu door het gebruik van andere bouwmaterialen en toevoegingen van onder andere de Grote Zaal.
Het oorspronkelijke middeleeuwse kasteel stond er uiteindelijk meer dan 450 jaar tot het in 1684 grotendeels werd verwoest door een brand. Uitgebreide heropbouwwerken veranderden de middeleeuwse burcht tot een gregoriaans paleis waarna, met uitzondering van de Record Tower, geen spoor meer overblijft van het oorspronkelijke gebouw.
Het nieuwe gebouw omvat een reeks statige ontvangstruimtes die bekend staan als 'The State Apartments' en begin 19de eeuw werd het kasteel nog uitgebreid met de bouw van 'The Royal Chapel'.
In 1907 werden de Ierse kroonjuwelen uit het kasteel gestolen en nooit teruggevonden.
Sinds er in 1921 een einde kwam aan de Britse overheersing en de Republiek Ierland werd opgericht, wordt er een traditie van staatsceremoniën gehouden in het kasteel.
Zo wordt sinds 1938 elke Ierse president hier geïnaugureerd in Saint Patrick's Hall en werd het kasteel door de jaren heen bezocht door onder andere John F Kenndy (1963), Nelson Mandela (1990), koningin Elisabeth (2001),...
The State Apartments en de collectie historisch materiaal vormen een erkend museum waarin volgende zalen te bezoeken zijn:
- De Trap van de Strijdbijl: deze trap met 28 treden dateert uit 1749 en is vernoemd naar de "Wachters van de Strijdbijl" die er ooit de wacht hielden. Bij het nemen van de treden kom je langs een wollen tapijt dat in 2019 in Ierland werd gemaakt en het nationale symbool van Ierland (de harp) dat te vinden is boven de dubbele deur. De trap is het decor voor de eerste formele staatfoto van elke president van Ierland. Langs de trappen zijn ook veel kunstwerken te vinden.



- De Wachtkamer: deze werd gebouwd in de 18de eeuw als wachtkamer en verbond de openbare kamers van The State Apartments met de privékamers van de koning en diens vrouw.
- Kamer van James Connolly: op 12 mei 1916 nam de revolutionaire leider James Connolly in deze kamer afscheid van zijn vrouw en dochter in afwachting van zijn executie.
- De Staatscorridor: deze processiegang werd in 1758 ontworpen door architect Thomas Eyre. Aan de muren hangen portretten van de presidenten van Ierland te beginnen met Douglas Hyde die hier in 1938 als eerste president werd ingehuldigd.
- De Apollozaal: na een brand in de jaren 1960 werd deze zaal naar hier verplaatst waardoor het delicate plafond van pleisterwerk uit 1746 in 11 stukken werd verdeeld en nadien terug in elkaar moest worden gezet. Het plafond laat stucwerk zien van schuimende wolken en details van bloemen. In het midden staat Apollo herkenbaar aan de zonnestraal en een muziekinstrument (een lier) en uit de wolken komen de tekens van de dierenriem.
- De State Drawing Room: deze kamer werd gebruikt als comfortabele kamer om vrienden te ontvangen, thee te drinken en muziek te spelen. De kamer werd in 1838 ontworpen door de architect Jacob Owen. De originele sofa's en stoelen in het midden van de kamer werden hier na een afwezigheid van meer dan 100 jaar terug geplaatst in 2021.
- De Troonkamer: deze kamer was ooit het centrum van de Britse koninklijke macht in Ierland. Op het baldakijn zie je de oudste symbolen in de kamer en dat zijn een leeuw die Engeland voorstelt en een eenhoorn die Schotland voorstelt. Met de harp in de hand symboliseren ze de Britse overheersing van Ierland. In de vergulde lijsten rond de kamer en in de kroonluchter zie je Engelse rozen, Schotse distels en Ierse klaver die de unie van de drie landen symboliseren. Zowel de lijsten als de kroonluchter werden in 1839 gemaakt in Dublin.
- De Portrettengalerij: deze kamer werd in 1826 ontworpen door de architect Francis Johnston in Griekse stijl en verwijst naar de portretten van voormalige onderkoningen die sinds 1843 aan de muur hangen. 13 van de originele lijsten zijn gemaakt door de houtsnijder Cornelius De Groot uit Dublin.
- De Comptrollers Room: deze kamers werden bewoond door de 'boekhouders' van het huis wiens taak het was om de rekeningen bij te houden en zicht te houden op de uitgaven van de onderkoning. Nu hangen er in de kamers Ierse en Europese schilderijen die dateren van de 16de tot de 19de eeuw.
- De Wedgwoodkamer: deze kamer dateert uit 1777 en danks zijn naam aan het kleurenschema van blauw en wit dat doet denken aan Wedgwood-aardewerk. In 1836 werd dit de biljartkamer van het kasteel met een biljarttafel die in 1836 werd gemaakt door Thomas Grubb. In 1848 werd de kamer omgetoverd tot een exotische binnentuin zodat er festiviteiten konden worden gehouden.
- Hal van Sint Patrick: dit is de belangrijkste ceremoniële kamer van Ierland waarin elke zeven jaar de president van Ierland wordt beëdigd. In juni 1938 werd Douglas Hyde hier beëdigd als de eerste president van de Republiek Ierland en in 1990 schreef Mary Robinson geschiedenis toen ze werd ingehuldigd als de eerste vrouwelijke president van Ierland. De zaal (waarin ook nog officiële banketten plaatsvinden) dateert grotendeels uit de 18de eeuw en ontleent zijn naam aan de "Ridders van Sint Patrick" die hier voor het eerst bijeen kwamen in 1783. De plafondschildering is gemaakt door de Italiaanse kunstenaar Vicenzo Waldré.



Sinds het begin van de 19de eeuw horen er ook tuinen bij het kasteel die zich bevinden ten zuiden van The State Apartements en ommuurd zijn.

De tuin bestaat uit de seizoenstuin (het grote grasveld in het midden van de tuin) waar vroeger de Dubh Linn zich bevond. Dit was de zwarte vijver waar de vikingen hun schepen aanmeerden.
Verder bevinden zich vier kleinere tuinen op elke hoek van het domein waarvan drie tuinen herdenkingstuinen zijn:
- De grootste van de drie herdenkingstuinen is het Garda Memorial Garden dat werd voltooid in 2009. HIer zijn de namen te vinden van alle leden van de Ierse politie die zijn omgekomen tijdens de dienst.
- Een tweede herdenkingstuin bevat een bronzen sculptuur als herinnering aan de Special Olympics die in 2003 in Ierland werden gehouden. Op een plaquette staan de 30.000 namen vermeldt van de vrijwilliers die hielpen de spelen te realiseren.
- In een derde herdenkingstuin staat de buste van Veronica Guerrin, de onderzoeksjournaliste die in 1996 werd vermoord in opdracht van de Dublinse onderwereld.

Binnen de tuinmuren ligt ook de Chester Beatty Library met voorwerpen uit de grote privé-collectie van de Amerikaanse ondernemer en filantroop Chester Beatty (1875-1968) die hier zijn tentoongesteld.
(Bronvermelding: toeristische infobrochure The State Apartements uitgegeven door het OPW)
(Op de fotopagina kunt u nog andere foto's bekijken van Dublin)